Diepe Straten

Diepe Straten Wandeling

 

 

Het gebied Diepe Straten te Ninove en Denderhoutem omvat enkele merkwaardige (grotendeels) holle wegen.

 

De Diepe Straten bevinden zich in agrarisch gebied tussen Ninove (ten zuidoosten) en Denderhoutem (ten noordoosten). De diepte van het tracé van de eigenlijke holle delen van deze wegen hangt samen met hun ligging en hun gebruik door de mens. Het is niet toevallig dat de grootste diepten (in het geval van Terlinden tot 5 à 6 meter) voorkomen langs de tracés die loodrecht op de hoogtelijnen staan en die de grootste hellingsgraad vertonen. Mogelijk speelde hierbij nog een ander fenomeen een rol, met name de lokale uitgraving van ‘kleem’ (leemgrond van geelachtige kleur). Ook de intensiteit van het gebruik door de mens had een niet geringe invloed op de vorm en de afmetingen van de holle wegen.

 

De Biologische Waarderingskaart geeft de holle wegen weer als zeer waardevol. Op het moment van de bescherming (1994) zijn vooral de steilste hellingen begroeid met doornstruwelen, voornamelijk bestaande uit sleedoorn en eenstijlige meidoorn en hoofdzakelijke afgewisseld met gewone es, rode kornoelje en vlier. Op de minder steile hellingen - vooral op plaatsen waar meststoffen van de naburige akkers in de bermen inspoelen of inwaaien - domineren braamstruwelen. Onder meer ter hoogte van het historische, ruim twee eeuwen verdwenen Ruisbroekbos bepalen olmenklonen het landschappelijk aspect. Vermoedelijk betreft het hier zelfs een relictsituatie want uit historische bronnen blijkt dat het Ruisbroekbos ooit door olm gedomineerd werd. Op andere plaatsen is de vegetatie eerder grazig. De precieze samenstelling van de vegetatie wordt mee bepaald door microklimatologische invloeden: zo dragen hellingen met een zuidelijke expositie een andere (meer warmtelievende) vegetatie dan de noordelijk georiënteerde hellingen.

 

In de kruidlaag komen een aantal vrij zeldzame tot zeldzame plantensoorten voor, bijvoorbeeld borstelkrans (Calamintha clinopodium), maarts viooltje (Violoa odorata), gewone vogelmelk (Ornithogalum umbellatum) en kraailook (Allium vineale).

 

Over de ouderdom van deze wegtracés is weinig bekend. Het is echter zeer waarschijnlijk dat hun ouderdom minstens teruggaat tot de oprichting van het Hof te Ruysbroeck in 1140 door de Sint-Corneliusabdij van Ninove.

Het tracé van de holle wegen te midden van akkers is reeds duidelijk herkenbaar op de kabinetskaart van de Ferraris (1770-1778). Ten oosten van de holle wegen bevindt zich de “Cense Ruijbroek”, het Hof te Ruysbroeck. De kaart van Vandermaelen (1846-1854) geeft dit in 1140 opgerichte hof weer als “Ruybroek ou Presbytère Ferme”.

Aan het kruispunt van twee holle wegen bevindt zich een 19de-eeuwse veldkapel tussen twee lindebomen.

Borstelkrans - Maarts Viooltje - Vogelmelk - Sleedoorn - Meidoorn - Boerenwormkruid

Het kasteelken van Herlinckhove

 

De bouwheer van 't kasteelken was Jozef Coppens. Hij begon met het uitgeven van 'point clair' in een atelier met vrouwvolk in zijn ouderlijk huis; hij maakte biljarten, caféspelen, had 2 grote kippenkwekerijen en werd stinkend rijk. Hij kocht een grote rode open wagen en ging jagen met groot gevolg tot de schuldeisers opdaagden. Zijn kasteel was nog niet voltooid toen hij het moest verkopen..

 

(bron: Luc Pots - Heemkundige Kring Haaltert

 nr 3 -2018 - pg 11)

Het Daensisme - Lebeke

 

Even voorbij 'Witten Houtman' werd Aloïs De Backer geboren. Medestichter van de Christenen Volkspartij van priester Daens.

Als volksvertegenwoordiger was hij een fel verdediger van de sociale en Vlaanse belangen op een ogenblik dat dit bij andere politieke partijen nauwelijks aan bod kwam. Hij overleed op 25 mei 1904 op 46 jarige leeftijd. Als eerbetoon aan hem werd in 2004 in het voortuintje van de verbouwde melkerij een bortsbeeld onthuld. In Denderhoutem wordt 'de kat' officieel Advocaat De Backerstraat genoemd

 

 

In het tijdschrift 'Groenkontakt' van januari 1995 - 21ste jaargang - verscheen een artikel over 'Het Landschapsbeheer te Ninove:

De Diepe Straten' - Dhr Dries Mertens bracht me in contact met de eindredacteur van Groenkontakt, Jos De Wael. Deze dook in het archief en stuurde me dit tijdschrift door. Waarvoor mijn grote dank.  De integrale tekst van het artikel vind je HIER.   

Oordeel zelf hoe actueel dit artikel vandaag nog is.